pretparken, toen en nu

 

“Pretparken waren vroeger “vermaaktuinen”. Europa beschikte tijdens de middeleeuwen over veel van zulke “tuinen” waar dans, optredens, lichtshows, spellen en enkele attracties centraal stonden. Rond 1700 zorgden politieke oorzaken ervoor dat veel parken noodgedwongen moesten sluiten.
Alleen Bakken, ten noorden van Kopenhagen, overleefde de crisis en is nog te bezichtigen; het is tevens het oudste attractiepark ter wereld

 

Pretparken: van vermaaktuin tot g-krachten

Tegen het einde van de Negentiende eeuw kwamen er in Amerika steeds meer pretparken. De attractieparken hadden vaak plekken om te picknicken, restaurants, spellen en een aantal attracties. Rond 1893 was de populariteit van deze parken ongekend hoog. Hierdoor besloten ondernemers zich te centraliseren rondom deze toeristische trekpleisters. Het reuzenrad deed hiermee zijn intrede.

Pretparken van de modernere tijd richtte zich steeds meer op een langer verblijf door meer attracties te bouwen en meer eetgelegenheden. In 1894 opende Paul Boynton‘s werelds eerste moderne attractiepark, Paul Boynton’s Water Chutes.Dit was tevens het eerste park waar gasten tegen betaling onbeperkt in de diverse attracties mochten. Een jaar later opende hij een ander park, Sea Lion Park op Coney Island, Brooklyn, New York.

In 1897 opende hij Steeplechase Park, dat het eerste was van drie belangrijke attractieparken die in die buurt zouden openen. Steeplechase Park was een groot succes en steeds meer parken openden. Rond het jaartal 1919 waren er in de Verenigde Staten ruim 1500 attractieparken.

De opening van de wereldberoemde Cyclone-achtbaan in Steeplechase Park in 1927 zorgde ervoor dat de achtbaan een van de meest populaire attracties werd voor de attractie- en de latere moderne pretparken.

Het einde van pretparken?

Echter kwam aan al dat succes ook een eind. De grote depressie zorgde ervoor dat er van de 1500 pretparken maar 400 overbleven. Ook zijn er veel parken die failliet zijn gegaan doordat hun attracties in rook zijn opgegaan. Vrijwel alles bestond in die tijd uit hout, dit heeft vele iconische banen in de as gelegd.

Ook gingen er een heel hoop attractieparken over de kop toen de tweede wereldoorlog uitbrak. Mensen hadden geen zin in vertier en de ene na de andere moest zijn deuren sluiten.

Na de oorlog wonnen de parken opnieuw populariteit, zij het van korte duur. Vanaf 1950 gingen steeds minder mensen zich voor de parken interesseren, die meestal oud en niet vernieuwend genoeg meer waren.

Tot Walt Disney zijn Disneyland in 1955 open deed voor publiek. Het publiek was niet gelijk door het dolle heen en keek met argus ogen naar het zoveelste park. Het duurde niet lang voor het grote publiek mee ging in de magie van Walt Disney.  Het park was opgedeeld in meerdere parken met hun eigen thema was het publiek verliefd en Disneyland een succes.

Attractieparken veranderden langzaam in themaparken. Na de  Disneyparken had ook Six Flags succes met zijn parken waardoor er wereldwijd steeds meer werden geopend.

Vandaag de dag zijn het nog steeds de themaparken die veel succes boeken en duizenden tot miljoenen bezoekers per jaar trekken. Het pretpark is in zo’n 500 jaar uitgegroeid van een “vermaaktuin” tot een amusementsoord waar bezoekers een hele dag, of soms wel meerdere dagen, kunnen vertoeven.